tegendeel

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het tegenovergestelde
    Maren deinst op de trap achteruit als Meermans dichterbij komt - het tegendeel van een romantisch tafereel vol tedere liefde.
    Dit houdt kort gezegd in dat iemand onschuldig is totdat het tegendeel vaststaat.
    Ik hoop dat we gaan winnen en zolang het tegendeel niet blijkt, ga ik daar ook van uit.

Etymologie

* In de betekenis van ‘het tegenovergestelde’ voor het eerst aangetroffen in 1620

Vertalingen

Engelscontrary
Franscontraire, opposé
DuitsGegenteil
Spaanslo contrario, lo opuesto