teerpot
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- vat waar men teer in bewaartCindu, afkorting van Chemische Industrie Uithoorn, staat sinds 1922 aan de Amstel en wordt in de volksmond al heel lang de "teerpot genoemd. In 1968 ging het bedrijf een fusie aan met Key en Kramer uit Maasssluis. Het bedrijf bleek ook daarna niet bij machte om tot een "milieuvriendelijke' produktie te komen. NRC 8 juli 1992 [https://www.nrc.nl/nieuws/1992/07/08/bedrijf-voldoet-aan-bijna-alle-milieu-eisen-7149025-a935451 Bedrijf voldoet aan bijna alle milieu-eisen]De Nieuwe Lutherse Kerk, in de volksmond de "Ronde' Lutherse kerk, is tussen 1668 en 1671 gebouwd in de stijl van het Hollands classicisme door de architect Adriaan Dortsman. De kloeke ronde vorm met een grote groene koepel - een halve bol met daarbovenop de tamelijk kleine lantaarn - bezorgde de kerk aanvankelijk de bijnaam "de Lutherse teerpot. NRC Tracy Metz 4 februari 1993 [https://www.nrc.nl/nieuws/1993/02/04/koepelkerk-is-markant-monument-7171678-a128493 Koepelkerk is markant monument]
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek