taperecorder

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. elektronica, muziek (elektronica) (muziek) een apparaat voor het opnemen van geluid op een band

Etymologie

* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘bandopnemer’ voor het eerst aangetroffen in 1953

Vertalingen

Spaansmagnetófono