tafel
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈtafəl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (meubel) een meestal rechthoekig, soms rond meubelstuk met poten, bedoeld om dingen op te zetten of te leggenZullen we de tafel buiten zetten? Dan kunnen we vanavond buiten eten.Vader, moeder en de kinderen zitten rond de tafel om een spelletje te spelen
- register[1], lijst[1], tabelOorspronkelijke aanwijzende tafel der grondeigenaren en der ongebouwde en gebouwde vaste eigendommen, benevens van derzelver inhouds-grootte, klassering en belastbaar inkomen, volgens het kadaster (Documenttitel in diverse Nederlandse archieven)
- (wiskunde) rekenreeksIn de lagere school leert men de tafels van vermenigvuldiging
- (techniek) plat stuk materiaal, plaat[1], paneel, vlakDe objecttafel is het deel van de microscoop waar het preparaat op gelegd wordt. (In deze betekenis anno 2012 nog gangbaar)Een tafelberg is een berg met een vlakke topToen hieuw hij twee stenen tafelen, gelijk de eerste (Exodus 34:4)
- (verouderd), schilderij, in deze betekenis afgeleid van plank, plaat. Vgl. tafereel
Etymologie
* van Latijn "tabula", in de betekenis van ‘meubelstuk’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901
Uitdrukkingen
- Aan de groene tafel zitten — In het bestuur zitten
- Aan tafel gaan — De maaltijd beginnen
- als de kat van huis is, dansen de muizen op tafel — Als de leiding afwezig is, wordt er al gauw onwenselijk gedrag vertoond
- De mogelijkheid/optie ligt op tafel. — De mogelijkheid of optie is er
- De tafel eer aandoen — Zich te goed aan eten
- Iets van tafel vegen — Een gespreksonderwerp afkappen/een voorstel geen doorgang laten vinden
- Ter tafel brengen — een gespreksonderwerp beginnen
- Zijn benen ( of voeten) onder een andermans tafel (moeten) steken — iemand anders voor je levensonderhoud laten betalen
Vertalingen
Engelstable, table, tabulation
Franstable
DuitsTisch
Spaansmesa, tabla
Italiaanstavola, tavolo
Portugeesmesa
Russischстол
Chinees桌子
Japansテーブル
Koreaans탁자
Arabischمنضدة
Turksmasa
Poolsstół
Zweedsbord
Deensbord
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek