tactiek
vrouwelijk (de)/tɑkˈtik/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een manier om onder gegeven omstandigheden een doel te bereikenHij heeft een goede tactiek, zeg!De Certeaus onderscheid tussen strategieën en tactieken geeft daarbij een nuttige aanvulling. Met behulp van dit onderscheid kan zichtbaar gemaakt worden hoe de verschillende actoren zich verhouden tot de normaliserende machtsstrategieën. {{Aut|Rothfusz, JacquelineHoewel ik twijfelde aan mama's tactiek besloot ik toch te proberen of het in ieder geval een beetje werkte. Het werkte heel goed.
- (militair) leer van de gevechtsvoering
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘strategie, gericht beleid’ voor het eerst aangetroffen in 1767
Vertalingen
Engelstactics
Franstactique
DuitsTaktik
Spaanstáctica
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek