tabel

mannelijk/vrouwelijk (de)/taˈbɛl/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een geordende lijst met gegevens
    Het is overzichtelijker als je het in tabellen zet.

Etymologie

* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘geordende lijst’ voor het eerst aangetroffen in 1399

Vertalingen

Engelstable, tabulation
Franstableau
DuitsTabelle
Spaanstabla, cuadro
Zweedstabell
Deenstabel