synchroniseren
/ˌsɪŋxroniˈzerə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) het tijdsverloop van processen op elkaar afstemmen, technisch meestal gerealiseerd door alle processen synchroon te laten lopen op een klok (-> klokpuls)als we willen synchroniseren, krijgen we te maken met de relativiteitstheorie
Etymologie
*afgeleid van het Franse synchroniser ()
Vertalingen
Franssynchroniser
Duitssynchronisieren
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek