studio
mannelijk (de)/ˈstydiˌjo/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- werkplaats van een beeldend kunstenaarHij was blij met zijn nieuwe studio.
- plaats waar geluidsopnamen, films of televisie- of radioprogramma's gemaakt worden
- een eenkamerappartementZelfs een eenvoudige studio is in deze stad nauwelijks te betalen.
Etymologie
* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘atelier’ voor het eerst aangetroffen in 1886
Vertalingen
Engelsstudio, studio, studio
DuitsStudio, Studio
Spaansestudio, estudio, estudio
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek