strijkage

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een te diepe, te onderdanige buiging om in het gevlij bij iemand te komen / een overdreven beleefdheid
    Deze strijkage van de bewindsman was geen routineuze beleefdheid.NRC Dirk Vlasblom 7 augustus 2004

Etymologie

* van strijken

Vertalingen

Engelscurtsy, obeisance