stoofvlees

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. (rund)vlees dat door (zeer) langdurig stoven (zeer) mals is geworden
    Voor mijn tafelgenoten en mij ging het deze week in La Pizza Noord onder meer van start met de eerste dagmenu’s: gefrituurde polenta met stoofvlees, finnochio ofwel geroosterde venkel met pruimen in rode wijn, en branzino: carpaccio van rauwe zeebaars met artisjok, en een pizza met eveneens rauwe tonijn. Huisgemaakte desserts op de openingsdag waren een citroentaart en een taart van rabarber. Kun je toch ook moeilijk laten staan. Ik bedoel maar, kom er allemaal maar eens om in de doorsnee-pizzatent. NRC Wim de Jong 17 juni 2016
  2. Belgisch gerecht bestaande uit stukken stoofvlees die klaargemaakt zijn in donkerbier
    Net zoals alle eten in België is stoofvlees klaargemaakt in bier.