stijfselen

/ˈstɛifsələ(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) kleverig maken door besmeren met een geconcentreerde zetmeeloplossing
    Noland schrijft kleine komische scènes, waarin veel mis gaat en die soms het "de Dikke en de Dunne'-gevoel oproepen. Tijdens verwoede behangselwerkzaamheden stijfselen Vos en Konijn Kips feestjurk aan de muur.
  2. ov, textiel (ov) (textiel) steviger maken door inweken met een geconcentreerde zetmeeloplossing
    Hij liet zijn nek weer roodkloppen en zijn boezeroen stijfselen, en nu en dan zong hij uit zijn armoehokje het hoogste lied.

Etymologie

*afgeleid van "stijfsel"