stempelen
/ˈstɛmpələ(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) iets van een zichtbare opdruk voorzien middels een stempelZijn paspoort werd gestempeld en daarna mocht hij het land binnen.
- (inerg) een uitkering gaan halenHij heeft enige tijd gestempeld maar hij is nu weer aan het werk.
Etymologie
*afgeleid van stempel
Vertalingen
Engelsmark, stamp
Spaansacuñar, estampar en relieve, sellar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek