statief

onzijdig (het)/staˈtif/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. fotografie, optica (fotografie), (optica) een stabiel onderstel voor een camera, kijker of een ander (optisch) instrument, veelal in draagbare uitvoering met één of drie inklapbare of inschuifbare poten
    Te koop: een verrijdbaar statief voor studiogebruik.

Etymologie

*afgeleid van statie, of het Latijnse statīvus ‘tot staan bestemd’

Vertalingen

Engelstripod
Fransstatif
DuitsStativ
Poolsstatyw