stangen
/ˈstɑŋə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) (informeel) proberen iemand op te juttenTijdens het koken zat iedereen elkaar continu te stangen alsof we elkaar al jaren kenden.
Etymologie
*afgeleid van stang
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
*afgeleid van stang