sta-in-de-weg

/ˈstaʔɪndəˌwɛx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een bezit dat vrij nutteloos is of geworden is en alleen maar plaats inneemt
    De oude caravan moet maar weg, die is alleen maar een sta-in-de-weg.

Etymologie

*(samenkoppeling) van "(ik) sta in de weg"