sprits
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (voeding) een soort koekjeBij de koffie kregen we een sprits.
Etymologie
* In de betekenis van ‘baksel waarvan het deeg in heet vet wordt gespoten’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1580
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek