sprinkhaan
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (rechtvleugeligen) benaming voor insecten uit de orde -orde, die zeer ver kunnen springen en waarvan de meeste geluid produceren door de vleugels langs de achterpoten te wrijven
- benaming voor insecten uit de onderorde
Etymologie
* In de betekenis van ‘insect’ voor het eerst aangetroffen in 1301
Vertalingen
Engelsgrasshopper, locust
Franssauterelle
DuitsGrashüpfer, Heuschrecke, gresshoppe
Spaanssaltamontes, langosta
Italiaanscavalletta
Portugeesgafanhoto
Russischкузнечик
Chinees螞蚱, 蚂蚱
Japans飛蝗, バッタ, 蝗
Koreaans메뚜기
Zweedsgräshoppa
Deensgræshoppe
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek