springstok
mannelijk (de)/'sprɪŋstɔk/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een stok met voetsteunen en een handvat, die een sterke veer of luchtdruk onderaan heeft, waarmee je op en neer kunt stuiteren en zo 'kangoeroe-achtige' sprongen kunt maken
- een stok die men gebruikt om ergens overheen te springen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek