spreekwijze
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈsprekwɛizə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- manier van spreken; de manier van uitdrukkenHij was opgestaan, want de winkelschel was overgegaan en zei voor hij ging: 'je kent onze spreekwijze toch?' Er was familie op bezoek gekomen; tante sprak altijd of ze de tijd had en lachte onverwacht.
- spreekwoord, gezegde, uitdrukking
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek