speerwerper

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. sport (sport) een sporter die het speerwerpen beoefent
    Jonge man uit het binnenland van Vasterbotten breekt heroïsch los, beult zich af, slaapt in kolenmijnen, wordt speerwerper, krijgt een sportbeurs, komt steeds dichter bij de hoofdstad met de bedoeling die te veroveren.
  2. toestel waarmee men speren sneller en verder weg kan werpen

Etymologie

* afleiding van speerwerpen