speelverbod

onzijdig (het)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verordening dat men een toneeluitvoering niet mag opvoeren
    De kust van Utopia is zo actueel, dat wij ieder moment verwachtten dat de politie een inval zou doen, de acteurs een speelverbod zou opleggen en het stuk zelf zou verbieden.
  2. verbod om aan een sportwedstrijd mee te doen
    Mannarino behoort tot een groep van elf spelers die in de buurt van Benoît Paire zijn geweest, de Franse tennisser die in New York positief testte op het coronavirus en vervolgens uit het speelschema werd gehaald. Sindsdien won Mannarino twee ronden en nu opeens zou hij ook een speelverbod krijgen.