speelplein

onzijdig (het)/ˈspelplɛin/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verhard terrein zo ingericht dat kinderen zich daar goed kunnen vermaken
    Kinderen moesten spelen in de wietlucht en de zandbak werd een asbak, vertelt buurtbewoonster Heleen van Breukelen, die recht tegenover het speelplein woont.
  2. terrein waar sporten en andere vormen van vermaak in de open lucht beoefend kunnen worden
    Een aantal buurtbewoners vond dat het basket- en voetbalpleintje te veel geluidshinder en overlast veroorzaakte. Het speelplein verdween uiteindelijk met stille trom.