snufje

/ˈsnʏfjə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. speciale, nieuwe, handige, onderscheidende eigenschap die een product heeft
    Deze nieuwe smartphone heeft weer allerlei snufjes die hem beter zou maken dan alle vorige smartphones.
  2. kleine hoeveelheid van materiaal dat uit korreltjes of poeder bestaat
    Voeg een snufje zout toe en roer alles goed door elkaar.

Etymologie

**[2] in de betekenis van ‘nieuwigheid’ aangetroffen vanaf 1561