snertweer

onzijdig (het)/ˈsnɛrtwer/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. heel slecht weer met kou, regen en wind
    Overigens verliep de geplande demonstratie in Weesp rustig. Er hadden zich enkele tientallen mensen opgesteld in het oude centrum. Sinterklaas maakte zijn entree ergens tussen twee en half drie in ouderwets snertweer. Het Parool M. Sevil 18 november 2017 [https://www.parool.nl/amsterdam/sprookje-van-de-sint-nog-niet-zonder-discussie-gevierd~a4540069/ Sprookje van de Sint nog niet zonder discussie gevierd]
  2. weer waarbij men graag erwtensoep eet (omdat erwtensoep vooral bij slecht weer wordt gebruikt en "snert" ook "erwtensoep" betekent)
    Sijbrandij merkte weinig van de barre omstandigheden op zijn overdekte ligfiets. "Ik heb niet eens in een lange broek gereden, maar ik had dan ook een kap om me heen. Onderweg ben ik vanwege dat snertweer nog wel gestopt voor een bakje snert en een kop koffie. Als iemand me op de hielen had gezeten, had ik dat trouwens waarschijnlijk niet gedaan."
    Druk is het wel bij de stand van de Lions Club Wierden. Traditioneel serveren de Lions weer uitstekende erwtensoep die dan ook gretig aftrek vindt. "Zo gek is dat niet, het is immers echt snertweer", grapt een van de Lions.
    "Het is nog steeds snertweer!", meldt Unox op Twitter. Op het strand van Scheveningen worden naast winterse soep Unox-mutsen uitgedeeld.

Etymologie

**[2] "snert" in de betekenis "erwtensoep"