sneb

mannelijk/vrouwelijk (de)/snɛp/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. snavel
  2. scheepvaart (scheepvaart) puntige voorsteven van een schip uit de (voor)Romeinse tijd voornamelijk gebruikt om andere schepen te rammen

Etymologie

* In de betekenis van ‘snavel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1518