smurrie

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈsmʏri/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. onsmakelijke weke massa
    Hij was onderuitgegaan en zat nu helemaal onder de smurrie.

Etymologie

*herkomst onzeker, wellicht beïnvloed door smeer, derrie of smodderij, in de betekenis van ‘vuil’ aangetroffen vanaf 1920