Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

smeerpijperij

vrouwelijk (de)/ˈsmerpɛipəˌrɛi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. viezigheid
    Maar mijn eerste schoonmoeder bijvoorbeeld zette altijd koekepannen met allerlei smeerpijperij op mijn handschriften.
  2. erg walgelijke of zedeloze handeling of uiting
    En dit is pornografie, dit hoort niet in dit boek, dit is smeerpijperij voor vieze oude mannen.

Etymologie

*afgeleid van smeerpijp