smartcard

mannelijk (de)/ˈsmɑːrtkɑrt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. informatica (informatica) Kaartje met programmeerbare chip (chipkaart) die voor vele zeer verschillende toepassingen gebruikt kan worden bijv. het decoderen van radio- en televisie-uitzendingen, betalingsdoeleinden, mobiele telefoons, openbaar vervoer, medische pas etc.

Etymologie

*Samenstelling van smart, (Engels: slim) en card