smakker

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. harde val
    De smakker die ze maakte op 7 augustus 2016 tijdens de olympische wegwedstrijd in Rio maakte zal Annemiek van Vleuten waarschijnlijk voor altijd achtervolgen. Tubantia 23-11-17 [https://www.tubantia.nl/andere-sporten/martens-schippers-van-vleuten-of-toch-iemand-anders~a4fcd13a/ Martens, Schippers, Van Vleuten of toch iemand anders?]
    Wie achter de schermen kan kijken weet dat de Italiaan bij de generale repetitie van zijn rola-rola act een lelijke en vooral pijnlijke smakker heeft gemaakt. Tubantia Roel Lutkenhaus 22-12-11 [https://www.tubantia.nl/doe-mee/veelzijdigheid-artiesten-verrast-publiek~a6416deb/ Veelzijdigheid artiesten verrast publiek]
    'Na die val van dinsdag voelde Tom zich niet helemaal zeker over het werk dat hij moest doen. Tijdens de koers hebben we het plan daarom aangepast. Als je zo'n smakker maakt, zet dat toch heel je lijf op zijn kop. Tubantia 11-07-13 [https://www.tubantia.nl/sport/alcoholische-versnaperingen-wennen-bij-succesvol-argos~a57a8bda/ Alcoholische versnaperingen wennen bij succesvol Argos]
  2. een luidruchtige kus
  3. iemand die luidruchtig, smakkend eet

Etymologie

* van smakken

Vertalingen

Engelssmacking kiss, kiss