slip
mannelijk (de)/slɪp/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (kleding) kort, strak onderbroekje zonder pijpenIn dezelfde lijn zijn eveneens een klassieke beugelbeha, een bustier met couture-look, een slip en een string verkrijgbaar.
zelfstandig naamwoord
- punt van een stof die naar beneden hangt
- drukproef op stroken, nog niet in de vorm van bladzijden
- afrekening (cijfers op een strook papier)
- (Suriname) envelopje, zoals gebruikt om uit te betalen loon in te doen
zelfstandig naamwoord
- glijdende beweging als wrijvingskracht wegvalt
- slingerend glijdende beweging doordat wielen of voeten hun grip op de bodem verliezen
- (visserij) onderdeel van een werphengel
- krachtverlies door wrijving binnen een draaiend werktuig
Etymologie
*C van "slippen"
Uitdrukkingen
- in een slip raken — (van een auto of motor) slippen
Vertalingen
Engelsbriefs
DuitsSlip, Unterhose, Zipfel
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek