sinterklaasgoed
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een verzameling traditionele zoetigheden die tijdens het Sinterklaasfeest worden uitgedeeld, zoals pepernoten, kruidnoten, schuimpjes, chocoladeletters, marsepein en borstplaat, die Pieten rondstrooien
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek