Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

sika

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈsika/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. evenhoevigen (evenhoevigen) benaming voor een hoefdier , uit de onderfamilie der echte herten
    Voor de wereldprimeur is het Nationaal Instituut voor Agronomisch Onderzoek (Inra) in Clermont-Ferrand verantwoordelijk, in samenwerking met het Nationaal Natuurhistorisch Museum in Parijs dat meerdere hertensoorten, in het bijzonder ook sika's, logies geeft.
  2. vlooien (vlooien) (Suriname) parasiet waarvan het wijfje zich in de huid van mensen boort,
    Aanvankelijk veroorzaakt de sika een hevig jeuken.

Etymologie

*[2] van "sika" dat teruggaat op "jiga" "rode larf van een soort mijt"