woorden
boek
Start
›
S
›
shampooën
shampooën
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
ov
(ov) met een shampoo behandelen
Ik had net mijn haar geshampood toen de waterdruk wegviel.
Etymologie
*Afleiding van shampoo + '-en'
Verwante woorden
Shamir
Shamirs
shamponeer
shamponeerde
shamponeren
shampoo
shampoode
shampooings
shampoos
shampoot
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← shampoot
Shan →