scrum

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. spelhervatting bij rugby waarbij de twee teams tegen elkaar drukken met de schouders
    Zoals het iedere groundsman in Engeland betaamd is ook het gras van Twickenham een biljartlaken. Al moet Keith Kent met de handen in het haar hebben gezeten na negen slopende wedstrijden vol tackles, rucks en scrums.
  2. het in korte tijd werkende software produceren door een multidisciplinair team
    Bij de onderstaande lijst is gezocht naar kantoorwoorden met een hoog jeukgehalte en die een duidelijke link hebben met 2018. Woorden als agile, scrum, stip aan de horizon, neuzen die dezelfde kant op moeten, dingen waar een klap op moet en andere klassiekers hebben de lijst daarom niet gehaald.
    "Het was misschien niet zo tactisch van me om in het gesprek meteen te zeggen dat agile gewoon flexibel betekent. En scrummen meteen af te kraken als een hype.

Etymologie

* uit het Engels