schurft
/sxɵrft/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (medisch) een huidaandoening veroorzaakt door de schurftmijt,Schurft veroorzaakt grote jeuk.
- (plantkunde) een aantasting van een aantal plantensoorten, o.a appel () en peer (), door een schimmelziekte , waardoor vroegtijdige bladval en vruchtverruwing kan optreden
- (voeding), (scheepvaart) overgebleven eten van de marineofficieren dat aan de gewone bemanning wordt verstrekt
Etymologie
* In de betekenis van ‘huidziekte’ voor het eerst aangetroffen in 1351
Uitdrukkingen
- De schurft hebben aan — Een hekel hebben aan
- De schurft inhebben — balen
- Een stuk schurft — Scheldbenaming voor een vervelend persoon
- Schurft leert krabben. — Door tegenslag leert men zich in het vervolg beter redden
Vertalingen
Engelsmange
Spaanssarna
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek