Schrijnwerker

mannelijk (de)/ˈsxrɛiɱwɛrkər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep (beroep) een houtbewerker en maker van kasten en meubels

Vertalingen

Engelscabinetmaker, joiner
Fransébéniste
DuitsSchreiner, Tischler
Spaansebanista
Italiaansstipettaio