scheer
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (aardrijkskunde), (scheepvaart) een kleine nauwelijks uit de zee oprijzende rots of klein eilandDe kust van Zweden is bekend voor zijn scheren.
- (spel) steen, papier, schaar
- een lichaamsdeel van een dier, bijv. een krabbenscheer
Etymologie
*van oudnoords sker, van noordgermaans, verwant met werkwoord scheren
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek