schampschot

onzijdig (het)/ˈsxɑmpsxɔt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een schot dat het doel maar net geraakt heeft zonder erin door te dringen, een afglijdend schot
    Daarbij kreeg één man drie kogels in het lichaam, raakte een tweede gewond aan de heup en liep een derde een schampschot op. Het eerste slachtoffer werd in kritieke toestand overgebracht naar het ziekenhuis maar zou intussen buiten levensgevaar zijn. de Standaard 27/mei/2017 door tbo
    De Nederlandse oorlogsverslaggever Bud Wichers is gisteravond gewond geraakt tijdens een beschieting door een scherpschutter in de Iraakse stad Kirkuk. Hij liep een schampschot op aan zijn arm. Tubantia 10-januari-2017

Vertalingen

Engelsgrazing shot