schaatsploeg
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- groep van 3 schaatsers die samen meedoen aan de ploegenachtervolgingSchaatsploeg Jumbo-Visma heeft iets bedacht om beter voorbereid naar Salt Lake af te reizen: windturbines. Met de wind in de rug kan in Thialf twee tot drie kilometer per uur harder geschaatst worden. Net als in Salt Lake schieten de schaatsers dan met zestig kilometer per uur door de bochten.
- een groep schaatsers die onder een gezamenlijke omkadering deelnemen aan schaatswedstrijdenNa onthullingen van klokkenluiders kwam een door de overheid gestuurd dopingprogramma tijdens de Winterspelen van 2014 in Sotsji aan het licht. Poltavets had toen de leiding over de schaatsploeg.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek