schaatskampioene
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- vrouw die een schaatskampioenschap heeft gewonnenDe schaatskampioene stierf op achtenzeventigjarige leeftijd in 1861 in het terpdorpje waar ze jaren ervoor met haar man neer was gestreken.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek