samowar

mannelijk (de)/samoˈwar/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. apparaat waarmee men thee kan zetten
    En verdomd: de oven, de samowar – ze werden een eeuw geleden al door Chagall vereeuwigd in tekeningen.

Etymologie

* van "самова́р" (samovár) "zelfkoker"