samenkoeken
/ˈsamə(n)ˌkukə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (erga) geleidelijk aan elkaar vast gaan zitten en een vaste vorm aannemenNaast de droge rubber kent de rubbermarkt daarom vloeibare rubber, d.w.z. de latex wordt door middel van ammonia vloeibaar gehouden (de rubberdeeltjes zijn nu nog vrij van elkaar) en in deze geconserveerde vorm naar Amerika en Europa verzonden, alwaar de grootste rubberfabrieken zwavel en de z.g. vulstoffen bijmengen. Hierna laat men de massa samenkoeken (coaguleren).
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek