saboteren

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) belemmeren (uit protest)
    Hoe weet u zo zeker dat de (grote) bedrijven het klimaatoverleg saboteren?‘Je ziet ze, zoals wij dat in ons vakgebied noemen, ‘meestribbelen’. Dat is meepraten om de boel bewust te vertragen. Ze bedienen zich daarbij van allerlei uit de politiek bekende trucjes. Door voor te stellen eerst meer onderzoek te doen, zoals de industrie aan de klimaattafel al heeft gedaan uit vrees voor hun concurrentiepositie. Heel voorspelbaar allemaal.’ [https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/het-klimaatakkoord-wordt-gesaboteerd-zegt-oud-kroonlid-van-de-ser-stop-met-polderen-je-laat-de-kalkoen-toch-ook-niet-meebeslissen-over-het-kerstdiner-~bbb18de7/ www.volkskrant.nl (12 sep 2018)]

Etymologie

*afgeleid van het Franse saboter ()

Vertalingen

Franssaboter
Duitssabotieren
Spaanssabotear