rusttoestand

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. situatie waarin iets de kleinste hoeveelheid energie bevat
    Het hele universum bevroor voor hem, stopte alle beweging en alles kwam, van sterren tot atomen, in een rusttoestand, met de sterren als talloze koude punten zonder afmetingen, die het koude licht van een wereld daarbuiten weerspiegelden.
  2. situatie dat iets of iemand in rust is
    De borrelende soep bevond zich waarschijnlijk in een perfecte evenwichtstoestand sommige deeltjes gaven het vacuüm een positieve energie, andere een negatieve, met als resultaat een rusttoestand.