rumoer

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. lawaai, onrust, ophef, tumult, geraas, spektakel

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘lawaai’ voor het eerst aangetroffen in 1380

Vertalingen

Engelsado, din, noise
Spaansestruendo, ruido