rul

onzijdig (het)/rʏl/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. afval van tabak
  2. bobbelig, bultig, oneffen, ruig, ruw

Etymologie

*: herkomst onzeker, mogelijk verwant aan "rollen", in de betekenis van ‘korrelig’ aangetroffen vanaf 1714

Vertalingen

Engelscoarse, loose, rough
Spaansáspero, rugoso