roet
onzijdig (het)/rut/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- koolstofneerslag die ontstaat door onvolledige verbanding van koolstofhoudende stoffenEen schoorsteenveger haalt roet uit de schoorsteen.Zwart was hij door het roet van de hel. En natuurlijk moest hij zich door de schoorsteen ( de oudste offerplaats èn de verbinding van de geestenwereld met die der mensen ) laten zakken, om de cadeautjes bij de kinderschoenen te leggen.
Etymologie
* In de betekenis van ‘koolstofneerslag’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1287
Uitdrukkingen
- Roet in het eten gooien — de pret bederven of een plan laten mislukken
- Erg zwart.
Vertalingen
Engelssoot
Franssuie
DuitsRuß
Spaanshollín, tizne
Italiaansfuliggine, nerofumo
Deenssod
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek