rodeo

mannelijk (de)/roˈdejo/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. evenement met wedstrijden in het omgaan met paarden en runderen van cowboys
    Zijn serie foto's van de rodeo in Florida kreeg de tweede prijs in de categorie sportverhalen.
  2. verouderd (verouderd) bijeendrijven van een grote hoeveelheid runderen door cowboys
    Dicht bij Merlo passeerden wij eene boerderij waar een paar jaar geleden een pachter een rodeo met kalveren maakte, welke hij van al melklieden in den omtrek tegen $150 (…) per stuk had opgekocht. Wegens het doen der rodeo (d.w.z. het opdrijven eener kudde welke door ruiters is omringd), werd onze boer veroordeeld tot eene boete van $ 6,000, doch niettegenstaande dat bleek de uitslag der speculatie zeer voordeelig te zijn geweest daar de man ongeveer $50,000 er bij verdiende.

Etymologie

*van "rodeo" "het rondgaan, plaats waar het vee bijeen wordt gedreven"