rituaal
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- ritueel
- (religie) liturgisch boek met teksten en ceremoniën voor gewijde handelingen
Etymologie
* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘voorschrift voor een kerkelijke handeling, boek met teksten voor het toedienen van sacramenten’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1822
Vertalingen
Engelsritual
Spaansritual
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek