rinkel
mannelijk (de)/ˈrɪŋkəl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- plaatje van blik, koper of ijzer waarmee men geluid kan maken; ook wel gebruikt voor een ringvormige deurklopper
Etymologie
*: "rinkelen" zonder de uitgang -en
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek